Decanaat
De theoretische leerweg of toch de gemengde? Cultuur en Maatschappij als profiel of
liever Natuur en Gezondheid? Mbo of toch hbo proberen? Psychologie of toch maar
pedagogiek? Of misschien PABO? En naar Utrecht of naar Amsterdam? Naar het
Hoornbeeck of toch het niet-christelijke ROC hier in de stad?
Je moet als scholier door een woud van keuzes waarin je soms flink kunt verdwalen.
Gelukkig is daar de decaan. Die je weliswaar niet kant-en-klaar op een bordje voorschotelt
wat voor jou de beste keuze is, maar die je wel kan helpen in het duidelijk krijgen van je eigen
mogelijkheden en onmogelijkheden en in het op een rijtje zetten van voor- en nadelen van
een studiekeuze.
Persoonlijk contact
Wat beweegt iemand om decaan te worden? Als we dit vragen aan twaalf verschillende
decanen van zes verschillende scholen krijgen we even zoveel verschillende antwoorden.
Toch is er wel een duidelijke gemene deler. De meeste decanen vinden het leuk om naast
het lesgeven ook op een andere manier betrokken te zijn bij leerlingen. Ze waarderen het
persoonlijke contact met jou de leerling. Daarbij kijken samen met de leerling naar eigen
mogelijkheden en onmogelijkheden. Er wordt gewerkt aan een bewustwordingsproces en
gekeken naar de toekomst. “Het is enorm boeiend om met een individuele leerling te spreken
over zijn toekomst. Je bent op een prettige manier met leerlingen bezig en kunt de leerling
echt helpen met kiezen”, aldus Van der Ent, decaan op het Wartburg, locatie Marnix (vmbo).
Informatie
Om leerlingen te kunnen ‘helpen met kiezen’, is het nodig dat de decaan op de hoogte is van
allerlei opleidingen en beroepen die er zijn. Er zijn tal van kanalen en wegen waarlangs de
decaan aan zijn informatie komt: toegestuurde informatie, folders, posters, decanendagen,
conferenties, internet, vakbladen, bezoek aan voorlichtingsdagen en scholen. Decanen
nemen dus heel wat info tot zich en kunnen daarom met recht gezien worden als een
vraagbaak. Er zijn scholieren die te veel verwachten van hun decaan en hem zien als degene
die je precies vertelt wat voor jóu de beste keuze is.
Bewustwording
Opvallend is juist dat alle decanen benadrukken dat het er uiteindelijk omgaat welke keus jij
als jongere zélf maakt. Decanen zijn er niet in de eerste plaats om je van concreet advies te
voorzien, maar veel meer om je te begeleiden in je eigen bewustwordingsproces. Daar kan
bijvoorbeeld juist bijhoren nog eens kritische vragen te stellen aan iemand die al vanaf de
eerste klas ervan overtuigd is de PABO te gaan doen. Meneer Vlijm, decaan op de Pieter
Zandt, vmbo: “Door voortdurend de keus bij de leerling en ouders te laten liggen, ben je
adviserend bezig. De leerling wordt nooit opgezadeld met een opleiding, hooguit aan het
werk gezet voor zijn/haar eigen toekomst.” Het blijkt dat deze manier van werken ook door
jongeren wordt gewaardeerd. Henrieke Anker (16, Havo): “Mijn decaan reikt je veel informatie
aan en geeft aan wanneer er open dagen enzovoorts zijn. Hij laat je veel zelf aan het werk
gaan met beroepen maar dat vind ik zelf wel prettig.”
Toekomst en testjes
Scholen hebben allerlei manieren om scholieren zelf aan het werk te zetten en te laten
nadenken over hun toekomst. Testjes op de computer, keuzebegeleidingslessen,
voorlichtingsavonden, toekomstdossier, individuele gesprekken, conferenties, stages,
actieplannen, beroepenvoorlichting enz. Vooral voorlichtingsavonden waarop oud-leerlingen
komen vertellen over hun studie worden gewaardeerd. Scholieren waarderen de mogelijkheid
om van studenten persoonlijk te kunnen horen hoe een bepaalde studie bevalt en decanen
kunnen op deze manier zien wat er van hun oud-leerlingen terecht is gekomen. Dat laatste is
iets wat door decanen nog wel eens gemist wordt. Via informele kanalen als jongere broers
en zussen horen ze nog wel eens wat over oud-leerlingen, maar slechts een enkele school
(meestal mbo’s) geeft bijvoorbeeld standaard studieresultaten van oud-leerlingen door.
Terwijl je decaan absoluut nog in je geïnteresseerd zijn als je de school al hebt verlaten.
Eigenschappen
Waar houdt je decaan eigenlijk allemaal rekening mee in zijn ‘advies’? Opvallend is dat
verschillende vmbo-decanen rekening houden met de werkgelegenheid. Andere dingen die
genoemd worden zijn: capaciteiten, interesses, motivatie, lichamelijke zwaktes, en
karaktereigenschappen. Zo noemt een decaan het voorbeeld van iemand die zich in het één-opéén
gesprek met haar decaan verlegen was en zich duidelijk ongemakkelijk voelde. Zij wilde
graag fysiotherapie gaan doen, maar werd door haar decaan wel gewezen op de contacten
die ze ook dan één-op-één met mensen zal hebben.
Christelijke identiteit
Een ander belangrijk punt waar decanen op reformatorische scholengemeenschappen
rekening mee houden is de christelijke identiteit. Maar ook hierin valt weer op dat decanen
vooral niet te ‘betuttelend’ willen zijn. “Ook is onze opvatting dat we nooit de leerling direct
mogen sturen. Ze moeten zelf tot de conclusie komen op grond van feitelijke en reële
informatie of ze ergens wel of niet mogen/kunnen werken” zegt Van Grol, decaan aan het
VWO van het Van Lodenstein. Wordt er in het advies van een decaan ook rekening
gehouden met de christelijke identiteit: waar kun je als christen wel/niet werken? Meneer
Wilbrink, decaan op de Jacobus Fruytier (HAVO/VWO) antwoordt op de vraag: ‘’Zeker, maar
niet direct in de zin van “daar mag je niet werken”. Juist bewustwording en de mogelijkheid
om als christen een plaats te hebben in de maatschappij is belangrijk. Ik geef wel aan dat een
leerling zich daar goed van bewust moet zijn, kan zij dat aan, hoe staan de ouders er
tegenover, en dergelijk” Ook bij Henrieke speelt haar christelijke identiteit een rol in haar
studiekeuze “maar het is niet zo dat ik persé op een christelijke school wil zitten.”
Kortom
De decaan heeft tal van mogelijkheden om je te wijzen op voor- en nadelen, mogelijkheden
en onmogelijkheden, voors en tegens maar uiteindelijk moet je zelf die keuze maken.
Tekst: Christel Anker
Tip een bekendePrint liever Natuur en Gezondheid? Mbo of toch hbo proberen? Psychologie of toch maar
pedagogiek? Of misschien PABO? En naar Utrecht of naar Amsterdam? Naar het
Hoornbeeck of toch het niet-christelijke ROC hier in de stad?
Je moet als scholier door een woud van keuzes waarin je soms flink kunt verdwalen.
Gelukkig is daar de decaan. Die je weliswaar niet kant-en-klaar op een bordje voorschotelt
wat voor jou de beste keuze is, maar die je wel kan helpen in het duidelijk krijgen van je eigen
mogelijkheden en onmogelijkheden en in het op een rijtje zetten van voor- en nadelen van
een studiekeuze.
Persoonlijk contact
Wat beweegt iemand om decaan te worden? Als we dit vragen aan twaalf verschillende
decanen van zes verschillende scholen krijgen we even zoveel verschillende antwoorden.
Toch is er wel een duidelijke gemene deler. De meeste decanen vinden het leuk om naast
het lesgeven ook op een andere manier betrokken te zijn bij leerlingen. Ze waarderen het
persoonlijke contact met jou de leerling. Daarbij kijken samen met de leerling naar eigen
mogelijkheden en onmogelijkheden. Er wordt gewerkt aan een bewustwordingsproces en
gekeken naar de toekomst. “Het is enorm boeiend om met een individuele leerling te spreken
over zijn toekomst. Je bent op een prettige manier met leerlingen bezig en kunt de leerling
echt helpen met kiezen”, aldus Van der Ent, decaan op het Wartburg, locatie Marnix (vmbo).
Informatie
Om leerlingen te kunnen ‘helpen met kiezen’, is het nodig dat de decaan op de hoogte is van
allerlei opleidingen en beroepen die er zijn. Er zijn tal van kanalen en wegen waarlangs de
decaan aan zijn informatie komt: toegestuurde informatie, folders, posters, decanendagen,
conferenties, internet, vakbladen, bezoek aan voorlichtingsdagen en scholen. Decanen
nemen dus heel wat info tot zich en kunnen daarom met recht gezien worden als een
vraagbaak. Er zijn scholieren die te veel verwachten van hun decaan en hem zien als degene
die je precies vertelt wat voor jóu de beste keuze is.
Bewustwording
Opvallend is juist dat alle decanen benadrukken dat het er uiteindelijk omgaat welke keus jij
als jongere zélf maakt. Decanen zijn er niet in de eerste plaats om je van concreet advies te
voorzien, maar veel meer om je te begeleiden in je eigen bewustwordingsproces. Daar kan
bijvoorbeeld juist bijhoren nog eens kritische vragen te stellen aan iemand die al vanaf de
eerste klas ervan overtuigd is de PABO te gaan doen. Meneer Vlijm, decaan op de Pieter
Zandt, vmbo: “Door voortdurend de keus bij de leerling en ouders te laten liggen, ben je
adviserend bezig. De leerling wordt nooit opgezadeld met een opleiding, hooguit aan het
werk gezet voor zijn/haar eigen toekomst.” Het blijkt dat deze manier van werken ook door
jongeren wordt gewaardeerd. Henrieke Anker (16, Havo): “Mijn decaan reikt je veel informatie
aan en geeft aan wanneer er open dagen enzovoorts zijn. Hij laat je veel zelf aan het werk
gaan met beroepen maar dat vind ik zelf wel prettig.”
Toekomst en testjes
Scholen hebben allerlei manieren om scholieren zelf aan het werk te zetten en te laten
nadenken over hun toekomst. Testjes op de computer, keuzebegeleidingslessen,
voorlichtingsavonden, toekomstdossier, individuele gesprekken, conferenties, stages,
actieplannen, beroepenvoorlichting enz. Vooral voorlichtingsavonden waarop oud-leerlingen
komen vertellen over hun studie worden gewaardeerd. Scholieren waarderen de mogelijkheid
om van studenten persoonlijk te kunnen horen hoe een bepaalde studie bevalt en decanen
kunnen op deze manier zien wat er van hun oud-leerlingen terecht is gekomen. Dat laatste is
iets wat door decanen nog wel eens gemist wordt. Via informele kanalen als jongere broers
en zussen horen ze nog wel eens wat over oud-leerlingen, maar slechts een enkele school
(meestal mbo’s) geeft bijvoorbeeld standaard studieresultaten van oud-leerlingen door.
Terwijl je decaan absoluut nog in je geïnteresseerd zijn als je de school al hebt verlaten.
Eigenschappen
Waar houdt je decaan eigenlijk allemaal rekening mee in zijn ‘advies’? Opvallend is dat
verschillende vmbo-decanen rekening houden met de werkgelegenheid. Andere dingen die
genoemd worden zijn: capaciteiten, interesses, motivatie, lichamelijke zwaktes, en
karaktereigenschappen. Zo noemt een decaan het voorbeeld van iemand die zich in het één-opéén
gesprek met haar decaan verlegen was en zich duidelijk ongemakkelijk voelde. Zij wilde
graag fysiotherapie gaan doen, maar werd door haar decaan wel gewezen op de contacten
die ze ook dan één-op-één met mensen zal hebben.
Christelijke identiteit
Een ander belangrijk punt waar decanen op reformatorische scholengemeenschappen
rekening mee houden is de christelijke identiteit. Maar ook hierin valt weer op dat decanen
vooral niet te ‘betuttelend’ willen zijn. “Ook is onze opvatting dat we nooit de leerling direct
mogen sturen. Ze moeten zelf tot de conclusie komen op grond van feitelijke en reële
informatie of ze ergens wel of niet mogen/kunnen werken” zegt Van Grol, decaan aan het
VWO van het Van Lodenstein. Wordt er in het advies van een decaan ook rekening
gehouden met de christelijke identiteit: waar kun je als christen wel/niet werken? Meneer
Wilbrink, decaan op de Jacobus Fruytier (HAVO/VWO) antwoordt op de vraag: ‘’Zeker, maar
niet direct in de zin van “daar mag je niet werken”. Juist bewustwording en de mogelijkheid
om als christen een plaats te hebben in de maatschappij is belangrijk. Ik geef wel aan dat een
leerling zich daar goed van bewust moet zijn, kan zij dat aan, hoe staan de ouders er
tegenover, en dergelijk” Ook bij Henrieke speelt haar christelijke identiteit een rol in haar
studiekeuze “maar het is niet zo dat ik persé op een christelijke school wil zitten.”
Kortom
De decaan heeft tal van mogelijkheden om je te wijzen op voor- en nadelen, mogelijkheden
en onmogelijkheden, voors en tegens maar uiteindelijk moet je zelf die keuze maken.
Tekst: Christel Anker