Dr. Hoek: 'Kerk en school zijn samen onderweg'
22.09.2010Kerkenraden zouden meer pastorale begeleiding moeten geven aan leerkrachten van christelijke scholen. Dat stelde prof. dr. J. Hoek woensdagmiddag in Woudenberg tijdens een bezinningsbijeenkomst over "Het contact kerk(enraad)-school".
Leerkrachten hebben een belangrijke taak in Gods Koninkrijk, zo zei de hoogleraar spiritualiteit aan de Protestantse Theologische Universiteit. Dat moet in gesprekken met leerkrachten doorklinken. "In de pastorale gesprekken die vanuit de kerkenraad met leerkrachten ter bemoediging en stimulering worden gevoerd, staat de vraag centraal hoe zij van dag tot dag voor de klas gestalte kunnen geven aan christelijk onderwijs vanuit hun persoonlijke verbondenheid met Christus."
De bezinningsbijeenkomst was georganiseerd door de werkgroep christelijk onderwijs die uitgaat van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond. Na de hoofdlezing door dr. Hoek discussieerden de aanwezigen in workshops verder over deelthema's.
Kerkenraden moeten jongeren stimuleren om te kiezen voor een loopbaan in het onderwijs, zo stelde dr. Hoek in zijn toespraak. "Dat kan door deze beroepskeuze ter sprake te brengen tijdens catecheselessen, verder door in de kerkbode van tijd tot tijd ruimte te maken voor een ervaringsverhaal van jonge mensen die voor het onderwijs hebben gekozen en vooral door in de eredienst in de voorbede met enige regelmaat de jongeren op te dragen in hun beroepskeuze en daarbij ook expliciet de mogelijkheden van het onderwijs (naast de zorg en ook kerkelijk werk en zendingswerk) te noemen."
Samen onderweg
Dr. Hoek over de relatie tussen de kerkenraad en de school: "Het gaat er niet allereerst om dat een kerkenraad steeds controlerend de vinger aan de pols houdt inzake de rechtzinnigheid van wat er in de school geleerd wordt. Ik denk in dit verband liever niet in termen van toezicht en controle, maar van een samen onderweg zijn met vallen en opstaan in de worsteling dat Christus gestalte krijgt in gemeente en school." Het gaat daarbij niet in de eerste plaats om de statuten en het toezien op de grondslag, maar om de dagelijkse praktijk in de school.
Dr. Hoek vindt dat er veel dankbaarheid moet zijn voor het feit dat we door de staat bekostigd christelijk onderwijs hebben in Nederland. "Christenen in andere landen kijken met jaloersheid naar ons." Hoek waarschuwt ook: "Het kan en mag niet zo zijn dat wij de schijn wekken dat christenen per definitie in staat zouden zijn beter onderwijs te geven en de school beter te kunnen inrichten dan anderen dat doen in het openbaar onderwijs of bij onderwijs vanuit een andere identiteit. Ik zou zeker willen spreken van een meerwaarde van christelijk onderwijs." Daarom pas bescheidenheid, aldus dr. Hoek.
Christelijke scholen moeten ook waakzaam zijn. "Wee de zogenaamd ‘christelijke' school waar wel vrome woorden worden gesproken en godsdienstige vormen worden gehandhaafd, maar waar de omgang met elkaar ‘vloekt' met de christelijke identiteit. Ik denk aan onverschilligheid ten opzichte van kinderen die het om allerlei redenen moeilijk hebben. Er kan op een christelijke school een wereldse prestatiementaliteit heersen waarin kinderen louter en alleen op grond van hun cijfers worden gewaardeerd."
Naar: "Kerk moet leerkracht pastoraal begeleiden", Reformatorisch Dagblad, 22 september 2010
Leerkrachten hebben een belangrijke taak in Gods Koninkrijk, zo zei de hoogleraar spiritualiteit aan de Protestantse Theologische Universiteit. Dat moet in gesprekken met leerkrachten doorklinken. "In de pastorale gesprekken die vanuit de kerkenraad met leerkrachten ter bemoediging en stimulering worden gevoerd, staat de vraag centraal hoe zij van dag tot dag voor de klas gestalte kunnen geven aan christelijk onderwijs vanuit hun persoonlijke verbondenheid met Christus."
De bezinningsbijeenkomst was georganiseerd door de werkgroep christelijk onderwijs die uitgaat van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond. Na de hoofdlezing door dr. Hoek discussieerden de aanwezigen in workshops verder over deelthema's.
Kerkenraden moeten jongeren stimuleren om te kiezen voor een loopbaan in het onderwijs, zo stelde dr. Hoek in zijn toespraak. "Dat kan door deze beroepskeuze ter sprake te brengen tijdens catecheselessen, verder door in de kerkbode van tijd tot tijd ruimte te maken voor een ervaringsverhaal van jonge mensen die voor het onderwijs hebben gekozen en vooral door in de eredienst in de voorbede met enige regelmaat de jongeren op te dragen in hun beroepskeuze en daarbij ook expliciet de mogelijkheden van het onderwijs (naast de zorg en ook kerkelijk werk en zendingswerk) te noemen."
Samen onderweg
Dr. Hoek over de relatie tussen de kerkenraad en de school: "Het gaat er niet allereerst om dat een kerkenraad steeds controlerend de vinger aan de pols houdt inzake de rechtzinnigheid van wat er in de school geleerd wordt. Ik denk in dit verband liever niet in termen van toezicht en controle, maar van een samen onderweg zijn met vallen en opstaan in de worsteling dat Christus gestalte krijgt in gemeente en school." Het gaat daarbij niet in de eerste plaats om de statuten en het toezien op de grondslag, maar om de dagelijkse praktijk in de school.
Dr. Hoek vindt dat er veel dankbaarheid moet zijn voor het feit dat we door de staat bekostigd christelijk onderwijs hebben in Nederland. "Christenen in andere landen kijken met jaloersheid naar ons." Hoek waarschuwt ook: "Het kan en mag niet zo zijn dat wij de schijn wekken dat christenen per definitie in staat zouden zijn beter onderwijs te geven en de school beter te kunnen inrichten dan anderen dat doen in het openbaar onderwijs of bij onderwijs vanuit een andere identiteit. Ik zou zeker willen spreken van een meerwaarde van christelijk onderwijs." Daarom pas bescheidenheid, aldus dr. Hoek.
Christelijke scholen moeten ook waakzaam zijn. "Wee de zogenaamd ‘christelijke' school waar wel vrome woorden worden gesproken en godsdienstige vormen worden gehandhaafd, maar waar de omgang met elkaar ‘vloekt' met de christelijke identiteit. Ik denk aan onverschilligheid ten opzichte van kinderen die het om allerlei redenen moeilijk hebben. Er kan op een christelijke school een wereldse prestatiementaliteit heersen waarin kinderen louter en alleen op grond van hun cijfers worden gewaardeerd."
Naar: "Kerk moet leerkracht pastoraal begeleiden", Reformatorisch Dagblad, 22 september 2010
« Terug
Tip een bekendePrint