RMU reformatorische vakbond

Felle kritiek op SCP rapport

12.01.2012
​Vanuit het onderwijs is zowel door de schooleiders als de Algemene Onderwijsbond (AOb) uiterst kritisch gereageerd op het rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), waarin staat dat de gestegen overheidsuitgaven niet tot betere resultaten hebben geleid. "De kwaliteit van het rapport is verbijsterend."

De jarenlange stijging van de overheidsuitgaven voor onderwijs heeft lang niet altijd geleid tot betere prestaties. Die conclusie stond in een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), dat deze week verscheen onder de titel "Waar voor ons belastinggeld." De overheid heeft in de afgelopen 15 jaar ruim 50 procent meer geld aan onderwijs uitgegeven. Zo is in het basisonderwijs veel geld gestoken in extra personeel en het verkleinen van klassen, maar daar is in de schoolprestaties niets van terug te zien.

Voorzitter Ton Duif van de Algemene Vereniging van Schoolleiders zegt dat het rapport gebaseerd is op boterzachte argumenten. Duif vindt het onjuist dat het SCP zijn conclusies vooral baseert op de scores van de Citotoets. "Cito meet maar een heel beperkt deel van het onderwijsresultaat. Alle andere aspecten blijven buiten beschouwing." Ook gaat het SCP volgens Duif voorbij aan de conclusies van de onderwijsinspecties dat het onderwijs juist beter is gaan presteren. Ook wordt er geen aandacht aan besteed dat de wereld waar kinderen voor opgeleid worden veel complexer is dan 10 jaar geleden. "Dit rapport doet heel veel mensen zwaar tekort. We moeten ons niet in de put praten."

Meer taken
Ook Boris van der Ham, onderwijsspecialist van D66, is niet overtuigd door de conclusies van het SCP. Het extra geld dat naar het onderwijs gaat, is volgens hem niet weggegooid. "We betalen onderwijzers nu beter, we zitten in betere gebouwen."
D66 heeft de afgelopen jaren gepleit om veel meer in het onderwijs te investeren. Het SCP-rapport gaat volgens Van der Ham niet in op bezuinigingen die al zijn ingevoerd en dat scholen steeds meer taken moeten uitvoeren. Net als Duif vindt Van der Ham dat de scores van de Citotoets niet genoeg zijn om de resultaten van het basisonderwijs te meten.

Missers
Walter Dresscher, voorzitter van de AOb, is ook duidelijk: ‘De onderzoekers zien van alles over het hoofd. Zo zijn de lonen opgetrokken om het leraarsberoep aantrekkelijker te maken. We hadden dat geld natuurlijk niet kunnen uitgeven, maar dan zaten nu veel klassen zonder docenten. Zo is er op veel punten sprake van een wat simplistische kijk op de zaken.” Het SCP-rapport wekt de indruk dat er wel wat afkan. Dresscher: “Het tegendeel is waar.’ Volgens de AOb mist het onderzoek een paar belangrijke elementen. Zo schuift het rapport de hogere doorstroom naar havo en vwo of hoger onderwijs aan de kant, terwijl de deelname aan hogere onderwijsvormen fors is gestegen.

Volgens Dresscher is het daarnaast ergerlijk dat het SCP er geen rekening mee houdt dat een deel van de prijsstijging nodig was om het leraarsberoep aantrekkelijk te houden. ‘Zonder die investeringen hadden we in het basis- en voortgezet onderwijs nog grotere tekorten gehad, meer klassen zonder docenten. Iedereen weet dat de aantrekkelijkheid van het beroep door achterlopende salarissen een groot probleem was, het SCP noemt het niet eens.’

Als grootste extra kostenpost noemen de onderzoekers de klassenverkleining in het basisonderwijs. Een investering die volgens hen niet effectief is geweest. ‘De klassenverkleining was bedoeld voor de onderbouw, omdat uit internationaal onderzoek was gebleken dat kleinere klassen bij de start van de basisschool langdurig leiden tot betere schoolprestaties’, aldus Dresscher. ‘Een goed experiment, dat de overheid alleen niet wilde evalueren, en tussentijds veranderde. Opeens mochten scholen het geld voor alle klassen inzetten. Zo werd het experiment vanuit Den Haag verrommeld. Wel waren leraren basisonderwijs blij met die kleinere klassen en het ziekteverzuim daalde.’

Fabeltje
Dresscher wijst er op dat de suggestie dat het onderwijs misschien wel goedkoper kan, thuishoort in fabeltjesland. ‘Nederland zit voor een dubbeltje op de eerste rang. De Kennisfabriek Nederland produceert goedkoper dan in veel andere geïndustrialiseerde landen, zoals blijkt uit de jaarlijkse cijfers van de Oeso. Om maar eens een andere maat te gebruiken: de arbeidsproductiviteit van Nederlandse leraren is erg hoog. Hun klassen zijn voller, ze geven meer uren les dan in bijna andere landen, zo blijkt uit internationale vergelijkingen van de Oeso. Als we dan kijken naar de ‘productiviteitsindex’ of de werkdruk, zitten Nederlandse leraren steeds bij de top van de geïndustrialiseerde wereld.’

Bronnen:

  • Kritiek van onderwijs en politie op SCP, NOS, 11 januari 2012
  • SCP: weinig effect extra overheidsgeld, NOS, 11 januari 2012
  • AOb: SCP ziet bij vermeende kostenstijging veel over het hoofd, AOb, 11 januari 2012