RMU reformatorische vakbond

Gezinsbeleid zet zorg voor kind onder druk

11.08.2009
De minister van Jeugd en Gezin moet zich meer inzetten voor een gezinsvriendelijke sociaal-economische politiek, waarin niet het recht op arbeid, maar het recht op zorg centraal staat, zo zei Peter Schalk maandag in zijn toespraak op het World Congress of Families dat dezer dagen in Amsterdam wordt gehouden. Een samenvatting.

In Nederland functioneert er sinds twee jaar een minister voor Jeugd en Gezin, minister André Rouvoet. Nederland heeft weer oog gekregen voor het gezin. Dat gezin heeft overigens wel bijzondere vormen. Elsevier had een paar jaar geleden een mooi nummer met een aantal gezinssamenstellingen, wel 15 soorten werden genoemd. Van het samengestelde gezin tot het vier-ouder-gezin. Als u de verhalen bij deze gezinnen hoort dan beseft u ongetwijfeld dat er al spanning op het gezin en het gezinsleven kan komen te staan door sociale factoren.

Maar er is ook spanning op het gezin door economische en maatschappelijke factoren. Door allerlei ontwikkelingen is het gezin van een familiale samenstelling (drie generaties) via het kostwinnersmodel doorgegroeid naar het combinatiemodel.Is dat erg? Op zich hoeft dat geen probleem te zijn. Maar inmiddels is er wel een omslag in denken gekomen die er voor zorgt dat er spanning is komen te staan op zorg en arbeid. Dat was al vlug voelbaar, en minister Melkert verwoordde het zelf zo: „De traditionele dagindeling uit de tijd van het gezin met één kostwinner zit ons danig in de weg nu er veel meer keuzemogelijkheden opdoemen. Hoe moet je het leven organiseren van twee partners met twee kinderen, twee carrières, tweemaal twee steeds oudere ouders, twee huisdieren, één balletles en één pianoles, twee sportclubs, één avondcursus, één voorleesochtend en twee zwemlessen per week.”

Voorwaar, geen sinecure. En toch is men doorgegaan op de ingeslagen weg. ook het huidige kabinet kiest nog steeds voor werk, werk en nog eens werk. Wel met een nieuw doel: dus niet meer de emancipatiegeest, maar de angst voor de vergrijzing is nu van doorslaggevende aard. Maar er moesten wel oplossingen komen. Die zijn gezocht in een aantal maatregelen. Te denken valt aan flexibele arbeidspatronen, waarbij je kunt gaan werken op andere dagdelen.

De overheid heeft bovendien wettelijk recht op deeltijd geregeld. Dat betekent dat iedereen een verzoek kan indienen om minder te gaan werken. Verder zijn er allerlei verlofvormen ingevoerd, zoals ouderschapsverlof en zorgverlof.

Weer een andere manier om arbeid en zorg te combineren is de mogelijkheid van thuiswerken. Met name de digitale mogelijkheden maken het heel eenvoudig om vanuit het eigen huis werkzaamheden te verrichten.

Bovendien zijn allerlei belastingmaatregelen getroffen om het kostwinnersmodel te ontmoedigen. Onlangs betoogde prof. Teunissen, hoogleraar staats- en bestuursrecht, dat de belastingdruk op eenverdienersgezinnen onevenredig groot is. Het meest gunstige belastingtarief betaalt je als beide partners evenveel inkomen verwerven. Voor gezinnen die bewust voor het kostwinnersmodel kiezen is dat dus heel ongunstig.

Tenslotte is er de kinderopvang. Vele honderden miljoenen worden daar ingestopt. Dat is nog geïntensiveerd na een oproep van de vorige VVD-voorman in de Tweede Kamer, de heer Aartsen. Tijdens de Algemene Beschouwingen kwam hij met een vergezicht over 2015: dan moet het in Nederland toch echt wel zo ver zijn dat niemand meer last ondervindt van zijn kinderen. En de politiek pakte het idee vrolijk op en de uitwerking is in volle gang.

In de knel
Al deze maatregelen samen zorgen voor een druk om de arbeidsmarkt op te gaan voor beide partners in een gezin. Daar is een sociale druk (het verwachtingspatroon), de economische druk (werk voor iedereen), een maatschappelijk belang (betalen van de vergrijzing) en een financiële druk (denk aan de huizenmarkt die gebaseerd is op een dubbel inkomen).

Maar door dit alles komt wel een belangrijk deel van het gezin in de knel: de kinderen. In een onderzoek werd een gevraagd aan kinderen hoe ze kinderopvang ervaren. De uitkomsten waren zogelijk: veel kinderen ervaren al ochtendstress.

En als kinderen zelf mogen kiezen, dan weten ze het wel. Dan worden ze het liefst thuis opgevangen door hun moeder met een vers kopje thee. En dat is logisch.De eerst aangewezen plek om kinderen op te vangen, is het gezin. Daar krijgen kinderen de warmte, de geborgenheid en de veiligheid die ze vooral op jonge leeftijd broodnodig hebben. Ouders hebben de taak om zelf hun kinderen op te voeden. Dat is heilzaam voor de kinderen en voor het gezin als geheel.

De spanning tussen zorg en arbeid is onmiskenbaar in de gezinnen. De minister van Jeugd & Gezin verricht goed werk. Maar zijn ministerie zou zich ook moeten inzetten voor een gezinsvriendelijke sociaal-economische politiek, waarin niet het recht op arbeid centraal staat, maar het recht op zorg.