RMU reformatorische vakbond

Kritische brief Besturenraad over begroting OCW

28.10.2011
​Voor de laatste week van november staat bij de Tweede Kamer de onderwijsbegroting voor 2012 op de agenda. De Besturenraad, werkgeversorganisatie van het protestants-christelijk onderwijs, stuurde de Kamer een kritische reactie.

De Besturenraad vindt dat prestatiebeloning op zich nuttig is maar dat het extra geld dat hiervoor is uitgetrokken beter kan worden ingezet voor het goed vorm geven van passend onderwijs en voor het ophogen van de basisbekostiging, vooral in het primair onderwijs. Bij de toedeling van schaarse middelen moeten andere onderwerpen zwaarder wegen.

De Besturenraad steunt het streven om meer kinderen op te vangen in het reguliere onderwijs. De kanttekeningen die de raad maakt, betreffen de bezuinigingen, de ontoereikende huisvesting van reguliere scholen om deze kinderen op te kunnen vangen, de vorming van grote en bureaucratische Samenwerkingsverbanden en de extra verantwoordingslast die het referentiekader met zich mee lijkt te brengen. Bestaande goedwerkende samenwerking, bijvoorbeeld in het verband van een denominatie mag niet gefrustreerd worden door het nieuwe beleid.

Het kabinet stelt streefdoelen voor ophoging van gemiddelde CITO-scores van leerlingen. Dit vindt de raad onjuist omdat dit leidt tot perverse prikkels en nog meer ‘teaching to the test’. Het is een uiting van te eenzijdig op testresultaten gerichte overheidssturing.

De Besturenraad verwacht weinig heil van de grote hoeveelheid toetsen die op het onderwijs wordt losgelaten. Het gevaar bestaat dat kinderen alleen nog maar voor de testen worden getraind, terwijl de Besturenraad vindt dat onderwijs een veel bredere doelstelling heeft. Scholen moeten zelf een keuze kunnen blijven maken uit verschillende gevalideerde testmethodes, op basis van professionele en identiteitsgerelateerde inzichten.

De raad is er ook op tegen dat de overheid sterren uitreikt aan excellente scholen. Hij ziet een risico dat hierbij moeilijk meetbare aspecten daarbij niet meegenomen worden. Dit leidt bovendien tot een verdergaande door ons ongewenste uniformering van de definitie van goede onderwijskwaliteit.

Nederlands onderwijs hoort bij de wereldtop. Het is volgens de Besturenraad niet verstandig om de exacte plek op internationale ranglijsten als een belangrijk beleidsdoel te beschouwen. Daarmee verdwijnt onder andere de vormende taak van het onderwijs verder uit beeld.

Daarnaast zie de Besturenraad ook positieve punten in de onderwijsbegroting, zoals aandacht voor vorming, vermindering van de bureaucratie, opbrengstgericht werken en aandacht voor ouderbetrokkenheid.

Bron: Besturenraad, 17 oktober 2011