Onenigheid AOb en VO-raad
17.06.2011In het Onderwijsblad van 11 juni heeft de AOb de VO-raad er van beschuldigd 'de gemaakte afspraken over het terugdringen van de werkdruk niet te zijn nagekomen bij de cao-onderhandelingen.' De AOb vindt dat hiermee de VO-raad haar geloofwaardigheid verloren hebben. De VO-raad bestrijd de visie van de AOb.
In de preambule van de cao VO 2008-2010 staat: "Verlaging van de werkdruk krijgt in de komende periode een hoge prioriteit. Partijen hebben zich verbonden aan dit thema en introduceren het trekkingsrecht voor iedere leraar om de eigen werkdruk te verminderen en ook voor het OOP zijn de regelingen verbreed.
Partijen willen ook verder dan de looptijd van deze cao kijken en hebben afgesproken dat in het voorjaar van 2010 een onafhankelijke instantie onderzoek zal doen onder alle medewerkers in het vo naar de wensen die leven ten aanzien van het taakbeleid/werkdrukvermindering; daarbij zal het gaan om de keuze uit drie fundamenteel onderscheiden systemen:
expliciet vastleggen van de lessentaak in de cao,
via de cao toekennen van een individueel trekkingsrecht,
op schoolniveau in overleg met de PMR regelingen afspreken.
Partijen hebben afgesproken dat ze zijn gehouden de uit het onderzoek naar voren komende voorkeur uitgangspunt te doen zijn in de eerstvolgende cao. De ervaring met het trekkingsrecht in het schooljaar 2009-2010 zal dus de inhoudelijke basis vormen voor de keuze die de medewerkers bij het onderzoek zullen maken."
De VO-raad verwerpt de beschuldiging dat de afspraken uit deze preambule niet is nagekomen. Volgens de VO-raad geven de beweringen van de AOb een vertekend beeld van de werkelijkheid. De VO-raad zegt nooit geweigerd te hebben de afspraken uit de preambule te willen nakomen. De VO-raad zegt zelfs enkele keren een voorstel gedaan te hebben over het opnemen van een passage in de cao over de onderwijstaak op jaarbasis, maar op dat punt dreigden de onderhandelingen vast te lopen.
De VO-raad meldt verder dat de CNVO en de CMHF vervolgens geheel op eigen initiatief hebben voorgesteld om het werkdrukdossier te laten voor wat het is, en volledig in te zetten op de 5 ‘vakantiedagen’. Ook de AOb zou toen besloten hebben die insteek te volgen, waarna het tot een akkoord is gekomen.
De VO-raad vindt het dan ook ongepast dat de AOb in het Onderwijsblad een verkeerde voorstelling van zaken geeft en daarmee tegelijkertijd geen verantwoordelijkheid neemt voor het behaalde resultaat, terwijl ze bij alle cao-bijeenkomsten aanwezig zijn geweest.
Bron: VO-raad, 17 juni 2011
In de preambule van de cao VO 2008-2010 staat: "Verlaging van de werkdruk krijgt in de komende periode een hoge prioriteit. Partijen hebben zich verbonden aan dit thema en introduceren het trekkingsrecht voor iedere leraar om de eigen werkdruk te verminderen en ook voor het OOP zijn de regelingen verbreed.
Partijen willen ook verder dan de looptijd van deze cao kijken en hebben afgesproken dat in het voorjaar van 2010 een onafhankelijke instantie onderzoek zal doen onder alle medewerkers in het vo naar de wensen die leven ten aanzien van het taakbeleid/werkdrukvermindering; daarbij zal het gaan om de keuze uit drie fundamenteel onderscheiden systemen:
expliciet vastleggen van de lessentaak in de cao,
via de cao toekennen van een individueel trekkingsrecht,
op schoolniveau in overleg met de PMR regelingen afspreken.
Partijen hebben afgesproken dat ze zijn gehouden de uit het onderzoek naar voren komende voorkeur uitgangspunt te doen zijn in de eerstvolgende cao. De ervaring met het trekkingsrecht in het schooljaar 2009-2010 zal dus de inhoudelijke basis vormen voor de keuze die de medewerkers bij het onderzoek zullen maken."
De VO-raad verwerpt de beschuldiging dat de afspraken uit deze preambule niet is nagekomen. Volgens de VO-raad geven de beweringen van de AOb een vertekend beeld van de werkelijkheid. De VO-raad zegt nooit geweigerd te hebben de afspraken uit de preambule te willen nakomen. De VO-raad zegt zelfs enkele keren een voorstel gedaan te hebben over het opnemen van een passage in de cao over de onderwijstaak op jaarbasis, maar op dat punt dreigden de onderhandelingen vast te lopen.
De VO-raad meldt verder dat de CNVO en de CMHF vervolgens geheel op eigen initiatief hebben voorgesteld om het werkdrukdossier te laten voor wat het is, en volledig in te zetten op de 5 ‘vakantiedagen’. Ook de AOb zou toen besloten hebben die insteek te volgen, waarna het tot een akkoord is gekomen.
De VO-raad vindt het dan ook ongepast dat de AOb in het Onderwijsblad een verkeerde voorstelling van zaken geeft en daarmee tegelijkertijd geen verantwoordelijkheid neemt voor het behaalde resultaat, terwijl ze bij alle cao-bijeenkomsten aanwezig zijn geweest.
Bron: VO-raad, 17 juni 2011
« Terug
Tip een bekendePrint