RMU reformatorische vakbond

RMU in ND: Bezuiniging kinderopvang; eerste stap naar keuzevrijheid

05.10.2010

Peter Schalk namens de RMU in opinieartikel ND, d.d. 5 oktober 2010

​Eerste stap naar keuzevrijheid

VVD en CDA hechten aan goede en betaalbare kinderopvang. Maar de onstuimige groei heeft hen wel aan het denken gezet. Er is volgens het regeerakkoord correctie nodig, zodat ouders proportioneel bijdragen. Overigens is deze beleidslijn reeds ingezet door het demissionaire kabinet van CDA en ChristenUnie, dat al de moed had om te snijden in kinderopvang. Dat is goed nieuws. Een eerste stap naar keuzevrijheid.

Kinderen zijn hinderen, zei Vader Cats al eeuwen geleden. Natuurlijk werd zijn kreupelrijmpje meestal met een glimlach geciteerd. Maar vandaag lijkt het wel de waarheid te zijn. De commotie op het bericht dat ouders meer eigen verantwoordelijkheid moeten gaan dragen voor de opvang van hun kinderen, liegt er niet om. In de paarse kabinetten werd het motto Werk, Werk en nog eens Werk mede ingezet om kinderopvang te promoten. Toenmalig minister Wijers van D66 vond dat ouders veel te veel gehinderd werden door scholen die de kinderen tussen de middag een uur vrij geven. Dat is lastig voor ouders, dan moet je ze weer gaan verzorgen en opvangen. Kom op, laat dat gewoon op school gebeuren. Ongeveer 10 jaar later kreeg zijn pleidooi een extra impuls door de voormalige VVD-voorman Van Aartsen droomde over een samenleving waarin scholen verplicht moesten worden om kinderopvang te regelen van ’s morgens vroeg tot aan de avond. En hij kreeg zijn zin. De kinderopvang rees de pan uit. Het budget steeg vanaf 2005 met 230 procent, en het gaat om een miljardenpost.

En nu, opeens, boem. De rem erop. Voor het eerst in vele jaren durft een kabinet te kiezen voor een andere route. Niet via kinderopvang, maar via het kindgebonden budget. Want wat is er echt aan de hand? Op de kinderopvang wordt 230 miljoen euro bespaard, waarmee overigens niets anders gebeurt dan dat de overheid het afgesproken deel voor haar rekening blijft nemen. Alleen het te hoge percentage van 74 procent wordt teruggebracht naar wat ooit was afgesproken, namelijk 66 procent. Maar dat wordt niet alléén ingeboekt. Aan de andere kant wordt namelijk 130 miljoen beschikbaar gesteld voor het kindgebonden budget voor gezinnen met een laag of middeninkomen. Dat is een dappere daad, met een duidelijk signaal. Niet de overheid is in eerste instantie verantwoordelijk voor de kinderopvang, maar de ouders zelf. Dit geld komt ten goede aan de ouders die kiezen voor zorg boven arbeid.

Dat is de juiste route, die van de eigen verantwoordelijkheid en van de keuzevrijheid. Laat de overheid het geld dat ze besteden kan en wil maar gewoon eerlijk verdelen onder alle ouders. Dat kan door de kinderbijslag te verhogen, of het kindgebonden budget op te hogen, of gewoon door een algemene belastingmaatregel te treffen. Zo komt het te besteden budget in alle gezinnen terecht. Vervolgens mogen pa en ma samen beslissen op welke manier ze dat geld gaan inzetten. Dat kan door het te gebruiken om kinderopvang in te huren, je kunt een au pair nemen, je kunt aan opa en oma vragen of ze willen oppassen, je kunt het uitbesteden aan een vriendin die je een wederdienst bewijst, of je regelt het gewoon via een gastouderbureau. Kortom, keuzemogelijkheden genoeg. En dan kunnen beide ouders intussen gewoon werken, of andere dingen doen. Maar ouders kunnen ook kiezen voor het model waarin altijd een van de ouders thuis is voor de kinderen. Ze kunnen kiezen voor de opvoeding in eigen huis en volgens eigen waarden en normen. In dat geval derven ze wellicht inkomsten uit arbeid, maar ze krijgen een eerlijk verdeelde tegemoetkoming van de overheid. En ze zijn volledig in de gelegenheid om hun kinderen te bieden waar ze recht op hebben: warmte, geborgenheid, en liefde. Daar zijn de kinderen goed mee. En de ouders ook.


Peter Schalk, Raad van Bestuur RMU