RMU reformatorische vakbond

Werkwijze cao-onderhandelingen

Ieder jaar is de RMU Werknemers betrokken bij een aantal cao-onderhandelingen. Vanuit de afdeling collectieve belangenbehartiging wordt onderhandeld bij onder andere de bedrijfstak-cao Groothandel Groenten en Fruit, de cao voor de Schippersinternaten, de cao voor de Mode- en Detailhandel en de ondernemingscao’s Culi D’Or, Innoseeds, Lamb Weston Meijer en Cêla Vita.  Een kijkje in de keuken bij een cao-onderhandeling.

Hoe verlopen cao-onderhandelingen?
Op 9 juni jl. werd er bij Cêla Vita een principeakkoord gesloten over een nieuwe cao. Aan zo’n akkoord gaat een hele periode vooraf. Een schematische weergave van de onderhandelingen:

Voorstellenbrieven 
>  De vakorganisaties dienen ieder afzonderlijk een voorstellenbrief in. In deze brief wordt kenbaar gemaakt welke veranderingen en verbeteringen de vakorganisatie wil zien in de nieuwe cao. De leden worden betrokken bij de totstandkoming van de voorstellenbrief door middel van een ledenbijeenkomst waarin de vakorganisaties hun wensen kunnen inbrengen. Voor de RMU is de nota Arbeidsvoorwaardenbeleid, zie www.rmu.org/arbeidsvoorwaarden, een belangrijk uitgangspunt bij het op stellen van haar voorstellenbrief.
> De leden geven de vakorganisaties vervolgens een mandaat mee om de onderhandelingen te gaan voeren.
> De werkgever voegt de verschillende voorstellenbrieven bij elkaar en schrijft een reactie, met daarin haar eigen wensen.

Onderhandelingsrondes 
> Nadat de werkgever een reactie heeft ontvangen starten de onderhandelingsrondes. Tijdens de eerste onderhandeling worden doorgaans de voorstellen van werkgevers- en werknemerszijde toegelicht en wordt door de werkgever een toelichting gegeven op de ontwikkelingen binnen het bedrijf. Hierna kunnen alle partijen nadenken over de vervolgstap. 
> Tijdens de tweede onderhandeling wordt geprobeerd de onderlinge verschillen tussen werkgever en vakorganisaties te overbruggen. Hierbij zullen beide partijen concessies moeten doen. 
> Afhankelijk van de problematiek zullen een aantal rondes plaatsvinden. Soms komt men al in de tweede onderhandeling tot een resultaat. Soms duurt dit een heleboel sessies en kan dit geruime tijd in beslag nemen.

Het resultaat en de ledenraadpleging
Als de werkgever en de vakorganisaties tot een akkoord komen voor een nieuwe cao spreekt men van een principeakkoord. Dit akkoord zal zowel door werkgever als vakorganisaties worden verdedigd tegenover de werknemers van het bedrijf. In een ledenraadpleging zal het principeakkoord met een positief advies worden voorgelegd aan de leden. Die zullen dan door middel van stemming het akkoord moeten goedkeuren of afwijzen. Meestal wordt een principeakkoord goedgekeurd, omdat de vakorganisaties hier zelf tevreden mee zijn.

Als de onderhandelaars niet kunnen komen tot een akkoord, omdat de vakorganisaties vanwege hun mandaat van de leden geen akkoord kunnen geven, of de werkgever totaal geen ruimte bied , ontstaat er spanning in het bedrijf. Vaak leidt dit tot extra ledenraadplegingen. Komen de partijen er ondanks de inspanningen niet uit, dan kan dit leiden tot een eindbod van de werkgever, of een onderhandelingsresultaat. Een eindbod of onderhandelingsresultaat zal door de vakorganisaties met een neutraal of negatief resultaat worden voorgelegd. De leden van de vakorganisaties zullen dan voor of tegen dit resultaat moeten stemmen. Wordt het eindbod of onderhandelingsresultaat afgewezen, dan is er geen nieuwe cao en zullen de vakorganisaties zich samen met de leden moeten beraden op vervolgstappen. Hierbij zal de RMU altijd pleiten voor een hernieuwd overleg. De RMU is er principieel tegenstander van om door middel van het stakingsmiddel haar doelen te verwezenlijk. Altijd zal getracht worden om in harmonie desnoods door mediation de gerezen verschillen te overbruggen.

Wat is de rol van de leden?
De leden van de vakorganisaties hebben een grote rol in het proces van de cao-onderhandeling. Hierboven is het een en andere al beschreven. In het begintraject zal inbreng gevraagd worden en gedurende het traject zullen ze hun mening geven over de onderhandelingen. Aan het eind zullen ze het resultaat goedkeuren of afwijzen. De leden hebben altijd de laatste stem.
Tijdens de onderhandelingen is van iedere vakorganisatie een zogeheten kaderlid aanwezig die de onderhandelaar van de vakorganisatie ondersteunt en tegelijkertijd de spreekbuis is naar de leden.

Tekst: Gerro de Jager, juridisch medewerker collectieve belangenbehartiging.
Dit artikel is verschenen in de septemberuitgaven 2010 van de sectormagazines.